[website maken] [website ontwerp] [CARLA ... tekstschrijver]

Een eigen kijk op Noord-Nederland


Noorderbreedte is een uniek tijdschrift. Niet alleen omdat het op geheel eigen wijze het landschap, de natuur en de cultuurhistorie van Noord-Nederland belicht. Maar vooral omdat het blad al vijfentwintig jaar lang bijna volledig wordt samengesteld uit bijdragen van vrijwilligers. Een goed voorbeeld van een tijdschrift dat zich, ondanks beperkte middelen, duidelijk weet te onderscheiden.


Door Carla Paans


Jan Abrahamse (64) is al vanaf het prille begin betrokken bij Noorderbreedte. In 1977 werd hij door de Milieuraad Drenthe en de Milieufederatie Groningen benaderd om hoofdredacteur te worden van een nieuw blad. Dit zou een platform moeten worden voor de natuur- en milieuverenigingen in die provincies. Zij wilden af van alle losse gestencilde publicaties en één samenhangend en overzichtelijk tijdschrift uitgeven. Jan ging akkoord op voorwaarde dat ook Friesland erbij betrokken zou worden: “Het moest een blad worden voor heel Noord-Nederland.”


Dat werd het, alleen anders dan beoogd. De bestaande afzonderlijke blaadjes bleven bestaan en Noorderbreedte beperkte zich niet tot natuur en milieu(-vervuiling). De redactie opereert geheel onafhankelijk en besteedt al gauw ook aandacht aan landschap en cultuurhistorie. Tegenwoordig is de relatie met natuur- en milieuverenigingen louter organisatorisch. Zij zijn vertegenwoordigd in de stichting Noorderbreedte, uitgever van het tijdschrift, samen met andere organisaties op dat gebied. Noorderbreedte ontvangt subsidie van het Ministerie van VROM, de provincie Groningen en Drenthe en de gemeente Groningen. “We kregen voorheen ook geld van de provincie Friesland”, legt Abrahamse uit. “Deze subsidie is helaas een aantal jaren geleden wegbezuinigd.” Abonnementsgelden en advertenties vormen een tweede bron van inkomsten. Op dit moment zijn er ongeveer 15.000 abonnees – voornamelijk in Noord-Nederland -, een recordaantal. Jan: “Jarenlang hebben we geworsteld met naamsbekendheid. Gelukkig gaat het nu de goede kant op, mede dankzij de prijs van het Nieuwsblad van het Noorden.” (uitgereikt aan Noorderbreedte in februari 2001, red.) Noorderbreedte heeft voldoende middelen om jaarlijks zes nummers uit te geven. Grote kostenposten zijn de vormgeving, fotografie, het drukken en de distributie. Verder staan de hoofdredacteur en de directeur sinds 1983 elk voor twintig uur op de loonlijst en is er iemand aangesteld voor de administratie. De auteurs werken allemaal voor niets. Sommigen bieden zichzelf aan, maar de meesten worden gewoon gevraagd.


Eén keer per jaar komt de redactieraad (twaalf vrijwilligers, de directeur en de hoofdredacteur) bijeen. Zij fungeert als een soort denktank die de grote lijn uitstippelt. De leden zijn dan ook deskundigen op hun specifieke vakgebied. De redactie (zes vrijwilligers en de hoofdredacteur) bepaalt de inhoud van Noorderbreedte. Samen met zestien vaste medewerkers zorgt zij dat het blad gevuld wordt. En er zijn zoveel ideeën dat dit nooit een probleem is. Jan: “Met genoeg geld, tijd en mensen, zou het zo een maandblad kunne worden.”


Naast de reguliere nummers brengt Noorderbreedte als extraatjes voor de abonnees jaarlijks één à twee themanummers uit. Auteurs die daaraan meewerken kunnen wel betaald worden omdat deze nummers extern gefinancierd worden door de overheid of het bedrijfsleven.


De doelgroep van het tijdschrift is vrij breed. Waren het vroeger allen betrokkenen bij de natuur- en milieubeweging, tegenwoordig schrijft Noorderbreedte voor ‘alle mensen die graag van het landschap genieten’. Het blad wordt gelezen door architecten, overheidspersoneel, scholen, etc. Noorderbreedte wil de lezer de schoonheid van Noord-Nederland laten zien en mensen bewust maken van alle positieve en negatieve veranderingen. De laatste twaalf jaar komen milieukwesties steeds minder aan de orde. Deels omdat er al zoveel organisaties zijn die zich daarmee bezighouden. Maar ook omdat er minder belangstelling voor is dan vroeger. Noorderbreedte probeert gelijke tred te houden met de veranderende interesse van de lezers. Juist omdat het blad niet gebonden is aan een vereniging of doel, is de concurrentie zwaar. Jan: “Wij moeten het opnemen tegen een groot aantal andere tijdschriften; van Vrij Nederland tot de Libelle.”


In de toekomst wil hij Noorderbreedte daarom toegankelijker maken voor een groot publiek en meer aandacht besteden aan architectuur en stedenbouw. “Mara bovenal willen wij graag spraakmakend zijn”, besluit de ambitieuze hoofredacteur.



Vrijwilligers bij Noorderbreedte hebben twee dingen gemeen: ze zijn gek op het Noorden en koesteren het tijdschrift.


Jan Abrahamse is tegelijkertijd hoofdredacteur en verantwoordelijk voor de eindredactie. Verder schrijft hij zelf artikelen en doet hij de productie van Noorderbreedte. Dat lukt niet allemaal in twintig uur. Vandaar dat Jan nog steeds vrijwilliger is. Na vijfentwintig jaar is zijn enthousiasme nog even groot als in het begin. Noorderbreedte is echt zijn ‘kindje’. Maar hij houdt ook van het werk eromheen. Zo zijn er twee videofilms gemaakt, komt er binnenkort een boek uit ( in het kader van het jubileumjaar) en reikt hij dit jaar voor de derde keer de speciale ‘Noorderbreedte-prijs’ uit.


Henk Poortinga (53) is al vijftien jaar betrokken bij Noorderbreedte. Als penningmeester van de stichting Noorderbreedte past hij, zogezegd, op de centen. Met de uitgave van een tijdschrift is veel geld gemoeid en Henk leidt dit in goede banen. Daarnaast maakt hij ook deel uit van de redactieraad. Voor Henk was de beslissing actief te worden bij Noorderbreedte  snel genomen: “Ik kende het blad al van tevoren en volede mij zeer aangesproken door de doelstellingen.”


Ook Tialda Haartsen (30) voelt zich bij Noorderbreedte op haar plek. Zij was al abonnee toen ze twee jaar geleden benaderd werd om de redactie en de redactieraad te komen versterken. Door haar werk bij de faculteit Ruimtelijke Wetenschappen aan de Rijksuniversiteit Groningen, zit zij ‘bovenop’ een bron van informatie. Deze kennis gebruikt zij om onderwerpen aan te dragen voor het tijdschrift en zelf artikelen te schrijven. Het werk bij Noorderbreedte kost Tialda gemiddeld anderhalve dag per maand. Dat valt mee. “Mara het speelt altijd door je hoofd”, zegt Tialda. “Je bent steeds op zoek naar een geschikt onderwerp."



                                                              Terug naar de vorige pagina.